Home » Studeren » Tips voor succesvol studeren

Tips voor succesvol studeren

Tijdens je studie kun je door je autisme tegen allerlei struikelblokken aanlopen die studeren lastig maken. Maar dat betekent niet dat je gedoemd bent te mislukken. Hieronder lees je wat je zelf kunt doen om van jouw studie een succes te maken.
   

Blijf in gesprek

Je kunt niet alles geregeld hebben voordat je aan je studie begint. Daarom is het belangrijk om ook tijdens je studie steeds in gesprek te blijven over waar je tegenaan loopt en wat daaraan gedaan kan worden. Je kunt de school om ondersteuning en eventueel aanpassingen vragen.

 

Veel studenten met autisme zijn bang dat ze lastig gevonden zullen worden als ze om hulp vragen. Dat hoeft niet. De school wil net zo graag dat je slaagt in je studie als jij en je mag dus verwachten dat de school er alles aan zal doen om dat mogelijk te maken.
Voorbeelden van ondersteuning en aanpassingen waar je om kunt vragen, en de personen bij wie je daarvoor terechtkunt, vind je op de pagina Hulp tijdens mijn studie.
 
 

Vergroot je zelfkennis

Om te kunnen vragen om wat je nodig hebt, is het natuurlijk wel belangrijk dat je bij jezelf nagaat waar je tegenaan loopt: welke studievaardigheden gaan jou door je autisme minder goed af? Gebruik de lijst met studievaardigheden op de pagina Studeren met autisme om hier gericht over te blijven nadenken.
Ook je eigen grenzen kennen, en die bij anderen kunnen aangeven, hoort bij zelfkennis. Maar je hoeft je niet altijd te laten weerhouden door je grenzen, je kunt ze ook proberen te verleggen. Leg de lat daarbij niet te hoog voor jezelf, maar verleg je grenzen in kleine stapjes tegelijk.
 
 

Zorg voor begeleiding

Met begeleiding, vooral gericht op studiecoaching en hulp bij het plannen, maak je het jezelf een stuk gemakkelijker om je studie succesvol te doorlopen. Het is daarbij wel belangrijk dat jij, je ouders en de school daarin goed samenwerken. Je kunt hierover advies vragen aan je arts of psycholoog.
 
 

Zoek iemand die als klankbord wil fungeren

Praten met iemand die begrijpt hoe jouw autisme werkt, kan opluchten als je tijdens je studie ergens tegenaan loopt. Bovendien helpt praten je om uit je hoofd te komen, in plaats van in je gedachten te blijven hangen. Iemand die als klankbord fungeert, kan je ook op nieuwe ideeën brengen of helpen om anders tegen een situatie aan te gaan kijken. Je kunt hiervoor een studiemaatje zoeken, maar je kunt ook praten met andere studenten met autisme.
 
 

Zorg voor een passende woonsituatie

Een goede woonsituatie is belangrijk als je studeert. Daarom is het goed om te kijken waar de onderwijsinstelling van jouw keuze is gevestigd. Is dat ver weg van het ouderlijk huis, dan betekent dat mogelijk dat je op kamers moet. Voor veel studenten met autisme is het (te) pittig om op zichzelf te gaan wonen en tegelijkertijd aan een nieuwe studie te beginnen.
 

Op kamers

Je kunt een kamer huren in een gewoon studentenhuis. Vaak reageren er veel studenten op een advertentie voor een kamer en een klein aantal wordt uitgenodigd voor een gesprek. Je moet dan in korte tijd laten zien en horen of jij bij de overige bewoners past. Eigenlijk is het een soort sollicitatiegesprek. Ben je erg op je rust gesteld, kies dan niet voor een studentenhuis met luidruchtige bewoners. Voor kameraanbod zie: kamertje.nl.

 

Er zijn ook kamers voor studenten met autisme. Voordeel hiervan is dat er regelmatig een begeleider aanwezig is die je kan helpen met zaken als het huishouden of je studieplanning. Zie voor meer informatie: Jados (hbo/universiteit) of Capito Wonen (mbo).

 

 

Lunchen met medestudenten

Je medestudenten besluiten samen in de kantine te gaan lunchen en vragen jou mee.
 
1. Waarom is het belangrijk om samen met je medestudenten te lunchen?

  • Om goede sociale relaties en goede samenwerkingsrelaties op te bouwen.
  • Om het studeren aangenamer te maken.
  • Je zelfvertrouwen neemt toe wanneer je vrienden maakt.
  • Zo kom je vriendelijk en benaderbaar over.
  • Om nieuwe vriendschappen te vormen.
  • Om gespreksvaardigheid te ontwikkelen.
  • Zodat je ontdekt wat andere mensen interessant vinden.

2. Vind je dit soort situaties lastig? Tegen wat voor problemen loop je aan?

  • Ik weet niet zo goed waar ik het over moet hebben.
  • Ik voel me opgelaten wanneer anderen mij zien eten.
  • Ik vind het moeilijk mij in het gesprek te mengen.
  • Mensen voelen zich soms beledigd door wat ik zeg.

3. Welke strategieën kunnen jou helpen met de situatie om te gaan?

  • Probeer mensen niet te onderbreken.
  • Merk op wanneer er pauzes in het gesprek vallen; dan is het prima om iets te zeggen.
  • Bereid een aantal onderwerpen voor waar je het over kunt hebben, bijvoorbeeld sportevenementen, tv-programma’s, boeken, films of vakanties.
  • Vermijd filosofische of controversiële onderwerpen en probeer niet te lang over één onderwerp te praten.

Als je een gesprek wilt starten waar de hele groep aan mee kan doen, kun je iets zeggen als, ‘Heeft iemand die film gezien die gisteravond op tv was’, of, ‘Wat hebben jullie dit weekend gedaan?’